Verduurzaming van
de vervoerssector

Het verduurzamen van persoonsvervoer kan op meerdere manieren: elektrificatie, modal shifts, de inzet van hernieuwbare brandstoffen en waterstof. Momenteel wordt er veel ingezet op elektrificatie, met als afspraak volgens het Klimaatakkoord dat uiterlijk in 2030 alle nieuwe personenauto’s zero emission zijn. Wanneer elektrificatie (nog) niet mogelijk is, zorgen hernieuwbare brandstoffen voor het vervangen van fossiele brandstoffen.

Nederland heeft afgesproken in het Klimaatakkoord om in totaal 65 PJ aan hernieuwbare brandstoffen in te zetten in 2030 voor wegvervoer en binnenvaart. Een instrument wat Nederland hiervoor gebruikt is de jaarverplichting. De Jaarverplichting Energie Vervoer verplicht bedrijven om een gedeelte van de brandstof die zij leveren aan vervoer hernieuwbaar te maken. Het gaat hier om benzine en diesel voor vervoersbestemmingen waarvoor een vergunning geldt. Dit zijn bijvoorbeeld wegvoertuigen en spoorvoertuigen, maar ook landbouwtrekkers en de pleziervaart. De Jaarverplichting Energie Vervoer wordt ingezet naast andere maatregelen om de CO₂-uitstoot van de vervoerssector te verminderen. Denk aan het vergroten van de efficiëntie van vervoer en het stimuleren van elektrisch rijden. 

Hernieuwbare biobrandstoffen voor vervoer zijn bijvoorbeeld biodiesel (FAME en HVO) ter vervanging van diesel, bio-ethanol ter vervanging van benzine en biogas/groen gas in plaats van aardgas. In Nederland worden de meeste vormen van biobrandstoffen niet in pure vorm gebruikt, maar worden ze bijgemengd, als bijvoorbeeld ethanol binnen de E10-verplichting (10% bijmenging van bioethanol in benzine) of FAME in biodiesel (7% bijmenging van FAME in diesel). Biodiesel kan op meerdere manieren geproduceerd worden, zo wordt FAME biodiesel gemaakt van oliën en vetten die met alcohol worden omgezet tot biodiesel. Bij HVO wordt materiaal omgezet met waterstof tot biodiesel. Het voordeel van HVO ten opzichte van FAME is dat HVO in theorie onbeperkt kan worden bijgemengd, terwijl FAME maar tot een relatief laag percentage (5%) kan worden bijgemengd in verband met het hoge stollingspunt.

Deze partners zijn al lid van ons netwerk